Een werknemer van een metaalbewerkings- en metaalconstructiebedrijf krijgt een arbeidsongeval met ziekenhuisopname. De werknemer bewerkt massieve cilinders met een freesmachine. Die machine kan een cilinder alleen in liggende positie verwerken. Elke cilinder moet daarom eerst op zijn kant worden gelegd om vervolgens aan een magneet te worden gekoppeld.
Arbeidsongeval met ziekenhuisopname
Om de cilinder in liggende positie te krijgen, trappen werknemers de cilinder met de voet om. Dat omtrappen gaat dit keer echter mis: de cilinder landt schuin tegen de rand van een omheining. Daarop probeert de werknemer de cilinder goed te leggen met zijn rechterhand. De rechterwijsvinger van het slachtoffer raakt hierbij bekneld. Hij wordt diezelfde dag nog in het ziekenhuis geopereerd, waarna hij één nacht in het ziekenhuis verblijft.
Een arbeidsinspecteur van de Nederlandse Arbeidsinspectie stelt een onderzoek in naar aanleiding van de melding van dit arbeidsongeval met ziekenhuisopname. Op basis van het opgemaakte boeterapport legt de minister een bestuurlijke boete op van € 13.500 wegens overtreding van artikel 3:17 van het Arbobesluit.
Boetematiging vanwege 'goed arbogedrag'
Het bedrijf stapt naar de rechter. De rechtbank oordeelt dat het bedrijf artikel 3:17 van het Arbobesluit (Voorkomen gevaar door voorwerpen, producten, vloeistoffen of gassen) heeft overtreden. Die overtreding is de werkgever volledig aan te rekenen.
Wel ziet de rechtbank aanleiding om de boete te matigen met 50%, naar € 6.750. Argumenten hiervoor zijn dat het bedrijf in haar 60-jarig bestaan nooit eerder beboet is voor overtreding van de arbeidsomstandighedenwetgeving. Daarnaast maakt het bedrijf daadwerkelijk werk van het zorgen voor goede arbeidsomstandigheden. Het letsel van de werknemer was niet heel ernstig en is goed hersteld. Wat ook meetelt is dat er zwaardere, veiliger handschoenen voorhanden waren. Bij gebruik daarvan zou het letsel wellicht minder ernstig zijn geweest, aldus de rechtbank.
De minister gaat tegen deze boetematiging in hoger beroep bij de Raad van State.
Raad van State maakt matiging ongedaan
Op grond van artikel 1, tiende lid, aanhef en onder c, van de Beleidsregel boeteoplegging arbeidsomstandighedenwetgeving kan een boete worden vermenigvuldigd met factor 3 bij een arbeidsongeval met ziekenhuisopname van minder dan twee nachten. Vast staat dat de werknemer één nacht in het ziekenhuis moest verblijven. Dat is op zichzelf voldoende om de boete te vermenigvuldigen met factor 3.
Waarom geen boetematiging?
Weliswaar was de overnachting alleen noodzakelijk omdat de werknemer bij opname niet nuchter was en daarom niet direct kon worden geopereerd. Maar dat is geen reden om af te zien van een vermenigvuldiging met factor 3. Doorslaggevend is dat observatie in het ziekenhuis medisch noodzakelijk werd geacht.
Dat er zwaardere handschoenen beschikbaar waren rechtvaardigt evenmin een boetematiging. Het beknellingsgevaar wordt daarmee niet voorkomen. Bovendien is niet gebleken van adequate instructies om altijd deze zwaardere handschoenen te dragen.
Goede werkomstandigheden zijn ook geen aanleiding om de boete te matigen. De zorg van het bedrijf betreft arbeidsomstandigheden in het algemeen. Van adequate maatregelen gericht op het voorkomen van deze concrete overtreding is niet gebleken.
Al met al komt de Afdeling tot het oordeel dat de rechtbank de boete ten onrechte heeft gematigd. Dit betekent dat de door de minister opgelegde boete van € 13.500 in stand blijft.
Bron: Raad van State 13 november 2024, ECLI:NL:RVS:2024:4613













